Home > Blog > Uitstelgedrag bij ADHD: ik doe het straks wel, of morgen

Uitstelgedrag bij ADHD: ik doe het straks wel, of morgen

Uitstelgedrag bij ADHD

Er ligt een taak. Al een tijdje. Je weet precies welke ik bedoel. Die ene die al weken, maanden of soms zelfs jaren op je lijst staat. De taak die steeds een plekje opschuift, en inmiddels zo vertrouwd is geworden dat je er bijna gezellig van wordt. Bijna.

Je bent er niet bang voor. Je weet precies hoe je het moet aanpakken. En toch… begin je niet.

Welkom in mijn hoofd.

Het is geen luiheid

Mensen zonder ADHD denken weleens: “gewoon beginnen, dan komt de rest vanzelf.” En eerlijk? Ze hebben gelijk. Dat werkt. Alleen niet voor mij, en velen met mij.

Want voor mij voelt beginnen soms als proberen een deur open te duwen die op slot zit. Niet omdat ik niet wil. Niet omdat ik lui ben. Maar omdat mijn brein weigert te starten zonder de juiste… vonk. En die vonk verschijnt precies wanneer hij zin heeft, niet wanneer ik hem nodig heb.

Dat is iets wat ik lang niet begreep van mezelf. En nog langer niet accepteerde.

De momenten waarop het het hardst toeslaat

Uitstelgedrag is niet eerlijk verdeeld over alle taken. Het heeft favorieten.

De taken zonder duidelijke deadline zijn gevaarlijk. Die liggen er gewoon. Ze gaan nergens heen. Er is geen urgentie, dus mijn brein besluit: prima, dat lost zichzelf wel op. (Spoiler: dat doet het dus niet.)

Dan zijn er de taken die te groot aanvoelen. Niet moeilijk per se, maar… groot. Vaag. Zonder duidelijk beginpunt. Mijn brein houdt niet van vaag. Vaag betekent geen beloning in zicht, en geen beloning in zicht betekent: we gaan iets anders doen.

En dan, mijn persoonlijke favoriet, zijn er de taken waarvan ik weet dat ze belangrijk zijn. Logischerwijs zou je denken: des te belangrijker, des te sneller je begint. Maar nee. Des te groter de druk, des te harder mijn brein op de rem trapt. Want wat als ik het niet goed doe? Dan maar helemaal niet beginnen. Lekker veilig.

Hallo ironie.

Wat er in je hoofd gebeurt

Ik ga je niet overspoelen met wetenschappelijke termen, maar dit helpt me wel om het te begrijpen: het ADHD-brein heeft moeite om zichzelf in beweging te zetten voor dingen die ‘later’ beloont worden.

Niet omdat de taak niet belangrijk is. Maar omdat ‘later’ voor mijn brein eigenlijk niet bestaat. Mijn brein wil nu iets. Nu interessant, nu bevredigend, nu een beetje dopamine. En die taak die al drie weken op de lijst staat? Die beloont pas later. Dus mijn brein zoekt iets anders. Iets dat nu werkt.

Dat ben ik niet die lui ben. Dat is mijn brein die op zoek is naar brandstof op de verkeerde plek.

Weet je wat gek is? Als er echt een deadline is, een harde, een echte ‘het moet nu of nooit’-deadline, dan lukt het ineens wel. Dan schakelt er iets om. Dan is er urgentie, dan is er spanning, dan is er dopamine. Crisismode is voor veel ADHDers de meest productieve modus.

Dat is tegelijk een superpower en een probleem.

De dingen die bij mij soms werken (en soms niet)

Ik ben eerlijk: er bestaat geen magische oplossing die altijd werkt. Wie dat beweert, liegt of heeft geen ADHD.

Maar er zijn dingen die me soms over die drempel helpen.

  • De twee-minutenregel
    Als iets minder dan twee minuten duurt, doe het dan meteen. Klinkt simpel. Is het ook. Werkt verrassend vaak, totdat ik besluit dat eigenlijk alles twee minuten duurt en er daarna twee uur voorbij zijn.
  • Timers
    Ik zet een timer op twintig minuten en zeg tegen mezelf: alleen dit, niets anders, twintig minuten. Soms werkt dat. Soms staar ik tien minuten naar de timer en doe ik daarna iets heel anders.
  • Body doubling
    Werken terwijl iemand anders ook aan het werk is. Fysiek of via een videocall. Geen idee waarom dit helpt, maar het helpt. Kennelijk heeft mijn brein getuigen nodig.
  • De taak zo klein mogelijk maken
    Niet ‘de blogpost schrijven’, maar ‘de eerste zin opschrijven’. Alleen de eerste zin. En dan misschien de tweede. En voor je het weet ben je toch begonnen.

Werkt dit altijd? Nee. Maar niets werkt altijd. En dat heb ik ook leren accepteren.

De vrede sluiten

Ik ga dit niet afsluiten met ‘en nu heb ik het helemaal onder controle’, want dat zou gelogen zijn. Die taak van daarnet? Die ligt er nog steeds. Ik heb hem niet af voor ik dit schreef.

Maar wat ik wel heb, is iets anders: ik herken het sneller. Ik merk het wanneer ik aan het uitstellen ben in plaats van dat ik er uren later pas achter kom. En ik ben er een stuk minder hard over voor mezelf dan vroeger.

Want jezelf de grond in oordelen heeft me nog nooit aan het werk gekregen. Het maakt de drempel alleen maar hoger.

Als jij ook een taak hebt die al veel te lang blijft liggen: je bent niet de enige. En je hoeft het ook niet vandaag op te lossen.

Misschien morgen.

Of overmorgen.

Foto door Glenn Carstens-Peters

Reacties – Laat van je horen

Geef een reactie

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *